Synopsis

Synopsis

Wat ìs de mens, wie ìs de mens? Wat is de zin van het leven? Waar sta ik op de tijdlijn van de geschiedenis? Waar gaan we naartoe? 
Allemaal vragen die ons bezighouden. 
De mens is een evolutionair voortbrengsel, een afdoende antwoord moet dan ook gevonden worden in het prille ontstaan. 

Want er moet nog geleerd worden om met velen samen te leven. Robin Dunbar, publiceerde in 1993 een onderzoek naar het maximaal aantal relaties die een mens aankan. Er werd een correlatie gevonden tussen de grootte van de groep en de grootte van de hersenen. Het bleek dat iemand tot ongeveer 150 vertrouwensrelaties aan kan, meer kan de neocortex niet hebben. 

Om met heel veel meer dan die 150 samen te leven, ging met horten en stoten. Het is dan ook niet vreemd dat zo nu en dan wordt teruggevallen op primitief gedrag. Alsof het zogenaamde ‘zoogdierenbrein’ weer de bovenhand krijgt op het rationeel ‘menselijk denken’.  We zien het dagelijks. Op zijn minst hebben een zestal evolutionaire kenmerken het verloop van de menselijke geschiedenis bepaald. En sterker, nog bepalen, het verklaart verschijnselen als populisme, nepnieuws, ISIS, @MeToo en nog wat dingetjes. 

Om het begrijpelijk te houden, eerst een vijftal beslissende momenten in de menselijke geschiedenis:

De ‘mutatie’ van het geheugen (1), is plat gezegd de extra laag bovenop het zoogdierenbrein. De mens kan nu in toenemende mate reflecteren, evalueren, anticiperen en dus zijn eigen lot bepalen. Dat blijkt, ongeacht natuurlijke omstandigheden kan de mens over de aardbol uitwaaieren.

De menselijke intelligentie betaalt zich snel uit in de Landbouw Revolutie (2). Landbouw impliceert eigendom van land en/of vee. Bezit gaat langzaam maar zeker de  samenlevingsstructuur bepalen. Voor de erfopvolging wordt 1 enkele vrouw aan de man verbonden, enthousiast geproclameerd door religie. Naast bezit is hebzucht tot op de dag van vandaag bepalend voor de sociale structuur. 

Door een systeem van sociale regelgeving,  ‘Religie’ (3), werd het  mogelijk om met velen samen te leven. De beperking van 150 vertrouwensrelaties kan binnen een geloof doorbroken worden, ook ‘vreemden’ kunnen worden vertrouwd. In tijden van analfabetisme stond religie met een stringente sociale regelgeving borg voor een volgzame burger. 

De periode van de Verlichting (4) met nieuwe ideeën en ideologieën markeert de overgang van religieuze samenlevingsregels naar wereldlijke wetten binnen een sociaal contract. Ook op die manier kunnen samenlevingen functioneren, het leidt uiteindelijk tot onze rechtsstaat en democratie. 

De Industriële Revolutie (5) brengt via een voortgaande arbeidsdeling materiële welvaart. Dit resulteert ondanks en dankzij tegenbewegingen tot de huidige neoliberale context. Alleen, door de massaliteit, massaconsumptie en globalisering, lopen we tegen grenzen aan. 


Weer terug naar ‘De Evolutionaire Stempel’. Deze zes kenmerken bepalen grotendeels nog steeds het (individueel) gedrag. De nrs 1 en 6 zijn vaak bepalend, de nrs 2 t/m 5 treden meestal gelijktijdig op. 

  1. De biologische ongelijkheid wordt te gemakkelijk dan wel gemakshalve geprojecteerd in een sociale ongelijkheid, onder meer te herkennen in discriminatie en sociale klassen. Tot op de dag van vandaag hebben we het  er nog moeilijk mee. 
  2. Evolutionaire planloosheid en normloosheid bepalen (nog) grotendeels het menselijk gedrag. 
  3. De primitieve mens had een korte termijnperspectief, meer was ook niet  nodig. Bij de moderne mens is de termijn tot ca 30 jaar opgerekt, de duur van een hypotheek. En dat is onvoldoende om het menselijk voortbestaan te waarborgen. 
  4. De primitieve mens had (logischerwijze) een natuurlijke angst voor vreemden (Dunbar’s Number). Er moest nog geleerd worden met velen samen te leven. Dat lukte (deels) via religie, we bevinden ons inmiddels in de (neo)liberale samenleving met seculiere regelgeving.  
  5. Zonder grote kaken of klauwen is de mens een ‘vluchtdier’. Echter, in onze tijd komt het gevaar uit dreigend nieuws, ook nepnieuws. ‘Vreemden’ pikken alles in, doe de grenzen dicht. Samen met de angst voor vreemden is dit een goede verklaring voor het populisme, maar ook de planloosheid en het kortetermijnperspectief spelen hier een rol. 
  6. Het testosteron werkt als katalysator versterkend op alle hierboven genoemde kenmerken. Meestal goedschiks, soms kwaadschiks; het zijn altijd mannen in de productieve periode van hun leven. 

Het boek wordt afgesloten met de ‘Politieke Paragraaf’. Zonder anderen lukraak in hokjes te plaatsen, moet je wel weten wat politieke extremen precies inhouden. Links is geen afzonderlijke ideologie.   
En welke kant we zouden moeten opgaan. Het ‘Klimaatspel’ (Martin Nowak) laat ons zien welke kant we op zouden moeten gaan. Rechtsaf leidt ultimo tot een terugkeer naar de ‘survival of the fittest’. Dat is goed nieuws voor de sociaaldemocratie, linksaf slaan is op den duur onontkoombaar. Een heroriëntatie betekent omschakeling van groeimodellen naar een circulaire economie. Maar dat niet alleen. Ook een Control Alt Delete in het menselijk denken is noodzakelijk, de ik-cultuur zal moeten overgaan in een bijdrage aan de overleving van de mensheid. 
Het laatste hoofdstuk eindigt met een pleidooi voor een ‘opleiding tot burgerschap’.

In het kort is het boek samen te vatten in een tweetal stellingen:

  • ‘Samenwerking en solidariteit is het menselijke antwoord op de ongestuurde en ongestructureerde evolutie.’
  • ‘De kwaliteit van samenlevingen kun je afmeten aan de mate waarin evolutionaire eigenschappen zijn gekanaliseerd.’ 

 

Terug naar De Evolutionaire Stempel